Beckmann speelt cello
Kayoko-Klavier
Tekst behorend
bij het uitkomen van de cd:
Christina Bolius, M.A.
 

Het Berlijn-concert ten gunste van dakloze mensen. Live-opname uit de kamermuziekzaal van de Berlijnse Filharmonie

Men kon een naald horen vallen, toen Thomas Beckamnn en zij Japanse vrouw Kayoko op 13 april 2000 het podium van de kamermuziekzaal van de Berlijnse Filharmonie opkwamen. Zo'n spanning, die over deze gebeurtenis heerste, had het concertleven van de Duitse hoofdstad zelden beleefd. Het Berlijnse publiek stond het Duits-Japanse kunstenaarspaar te wachten, dat met deze avond een geweldige 31-steden tournee beëindigde, welke in de loop van het tournee de harten van vele mensen beroerd had.

De onvergetelijke muzikale indrukken van het slotconcert zijn op deze live-opname vastgelegd. Maar niet uitsluitend Beckmann's spel, waarover 'die Welt' schreef: "Zijn celloklank ontroerde tot diep in het hart", was het, waarmee de kunstenaars de Berlijnse harten op deze avond veroverden. Onder het credo " Met muziek het hart raken van de mensen voor de nood van de armsten onder de armsten" werd Beckmann in Duitsland voor vele niet alleen tot een muzikale, maar ook tot een morele instantie en geldt zijn oprichting van de 'Samen tegen de kou'-beweging als symbool voor enthousiast kunstenaarsdom, dat zich voor waardigheid en menselijkheid in een steeds meer onmenselijke wereld inzet. In zeven jaren heeft de bescheidene cellist naast zijn concerten door heel Europa een immense hoeveelheid werk gestoken in een hulp-aan-daklozen beweging, die in 31 steden samen met de kerken en het stadsbestuur meer als 100 projekten, zoals warmtevertrekken en nachtasielen, steunden of zelfs oprichtten.

Als kunstenaar is het Beckmann al sinds het verschijnen van zijn eerste cd "Oh! That Cello" als geen ander gelukt, met zijn creatieve concertprogramma's een nieuw en breder publiek te trekken voor de cello. Zijn cd's gelden wereldwijd als succesvol in de handel en werden met de "Prijs van de Duitse platenkritiek" bekroond. Onder het motto "Beckmann speelt cello" trad de kunstenaar - vaak in duo met zijn vrouw - in talrijke internationale tourneeën op.

De sympathieke kunstenaar, die zijn concertprogramma's ook graag vermakelijk toelicht, verovert de harten van de toeschouwers. "Als Beckmann speelt, is het uitverkocht" heet het al jaren aan de avondkassa's van de belangrijkste concertpodia. Wie het geluk heeft gehad, het Berlijnse concert bij te kunnen wonen, beleefde, hoe meeslepend de kunstenaars speelden en het hun om niets anders ging dan het stuk te dienen. Beckmann's grote respect voor de muziek weerspiegelt zich echter nooit in een piëtistische beperking tot het formele, maar in zijn moed voor een verantwoordelijkheid, die de partituren leven inblaast. De natuurlijkheid van zijn musiceren, zijn fenomenale techniek en de eigen interpretatie zijn toonaangevend voor het moderne strijkinstumentenspel.

Geen beter bewijs voor zijn spel kon het geven dan het concert op 13 april 2000 in de Berlijnse Filharmonie, hetgeen de onpretentieuze musicus op een lijn met de beste cellisten ter wereld zette. De toeloop was zo groot, dat er extra stoelen op het podium ingericht werden. Omdat het concert al weken tevoren uitverkocht was, werd voor de eerste keer in de geschiedenis van de Berlijnse Filharmonie een optreden live in het internet overgedragen, zodat het wereldwijd gevolgd kon worden.

Beckmann Beckmann speelde op zijn legendarische Guandagnini-cello, waarvan de orchestrale volle klank en zijn tot in de uiterste hoeken van de zaal dragende pianissimo in deze opname getuigenis geeft. De opname is van bijzondere authentiteit, omdat het de klank door de muziekinstallatie van de filharmonie, zonder vervalsing van de balans tussen de de instrumenten, zo weergegeven wordt als deze ook werkelijk in de zaal te horen was. Vanuit dit gezichtspunt krijgt de onbegrijpelijk volle zang van de lage snaren in Beethoven's a-dur-sonate of in de Élegie een extra dimensie, daar de cello tegenover de de vleugel meestal moeite heeft zich door te laten klinken, hetgeen op menig celloavond nogal eens een probleem is.

Ook de vleugel die in dit concert bespeeld werd is een buitengewoonlijk instrument. Het gaat hier om de kamermuziekvleugel van Herbert von Karajan, die Kayoko na haar Hamburgse debuut van solo-hoboïsten door de Hamburgse Filharmonie geschonken kreeg en nu - samen met Fourniers omvangrijke notenbibliotheek - in Beckmanns woning een representatieve plaats heeft gekregen: De musicus en zijn vrouw wonen in het laatste huis van Clara en Robert Schumann in het oude centrum van Düsseldorf, een verblijf dat de stad Düsseldorf de musici als eerbetoon ter beschikking heeft gesteld.

"Beckmanns gezang op de cello is van onvergelijkbare schoonheid. Zijn warme toon maakt diepe indruk. Hij bespeelt het instrument met een fascinerende souplesse en heeft een nieuwe - zeer eigen - manier gevonden de cello te bespelen. Hij baant voor ons instrument een nieuwe weg in de toekomst ". (Pierre Fournier)

Tekst bij de cd-uitgave: Christina Bolius, M.A.